10-11-09

Kuifje in Pakistan - deel 3: Snoezeke

Er zijn een paar dingen die je al doende leert: bijvoorbeeld dat de uitdrukking ‘nine o clock sharp’ in Europa heel wat anders betekent dan elders in de wereld. De cursisten hadden gisteren laten weten dat ze beginnen om 8u.30 wat vroeg vonden – de watjes ! – en dat het makkelijker zou zijn als we om 9 uur beginnen. De klant is koning en dus had ik deze morgen wel de tijd om een toast met een eitje te eten. Toen ik echter om kwart voor negen aan de meeting room aankwam, was er niet één cursist te bespeuren. Er was veel beweging van mensen die zich naar hun kantoor op de verdiepingen haastten, er waren mensen de bloemen aan het gieten en andere de patio aan het schoonvegen, de meneer van de koffie was er en de meneer van de LCD-projector, maar…geen deelnemers te bespeuren. Om negen uur druppelden de eerste binnen. Stille Zeeshan die altijd supergeconcentreerd aanwezig is, maar nooit een woord zegt, gevolgd door Imran die na elke koffiepauze met vlekken op zijn hemd terugkeert, met in zijn kielzog Mehnaz die geregeld voor animo zorgt met zijn grappige opmerkingen. En enkele minuten later druppelen de drie Muhammad’en binnen: de oudste een kranige zeventiger die het allemaal al eens meegemaakt heeft, maar toch nog alert en bij de les is; de middelste een veertiger die steeds piekfijn opgekleed is en een hoge post bekleed bij de exportpromotie; de jongste een rekel van 25 die de eerste keer was binnengestapt met een air van ‘Wat ga jij mij bijbrengen, manneke?’, maar die ondertussen omgeturnd is tot de meest leergierige van de bende.

Ik word een beetje nerveus omdat er nog maar zes van de 35 deelnemers zijn. Snoezeke heeft het in de gaten, komt naar me toe en legt zijn hand op mijn bovenarm: “You need not worry, mister Christofieee! In Pakistan it is always like this. They will show up.”  Snoezeke heeft zich de afgelopen week de benen van onder het lijf gelopen om ervoor te zorgen dat alles in optimale omstandigheden zou kunnen verlopen. Leeftijd? Moeilijk in te schatten, - ergens tussen de 25 en de 35. Geslacht? Mannelijk, zij het met enig voorbehoud. In Parijs voor modeontwerper gestudeerd, daarna een korte carrière als model, daarna naar dit land van veel moeten en weinig mogen teruggekeerd. Hannes met het harpje, zeg maar, maar dan in een turboversie. Telkens als ik dénk dat ik iets zou willen, is Snoezeke mij een stap voor. Een kop koffie, fotokopies, een asbakje in het ‘rookkamertje’ naast de meeting room, een geüpdate aanwezigheidslijst. Snoezeke rent al nog voor ik mijn zin afgemaakt heb. Van zodra ik ’s morgens de deur van mijn hotelkamer opentrek tot ik ze ’s avonds weer sluit. Onvermoeibaar en altijd met de glimlach…

blog_lesOm twintig na negen krijg ik een knipoog van mijn twee favoriete Muhamadden. De oudste en de jongste zitten recht tegenover elkaar en ze hebben er allebei zin in vandaag. Na de gebruikelijke samenvatting – Wat hebben we gisteren geleerd? Ten eerste… Ten tweede… En…ten derde… (met dank aan Piet Huyzentruyt, dus – krijgen ze meteen een oefening op hun foor. In normale omstandigheden geef ik elk duo twintig minuten de tijd, maar ik wil hen laten voelen dat het vooruit moet gaan; tien minuten dus. Oude Muhammad en jonge Muhammad vormen een duo en gaan aan het krasselen en zwoegen dat het een aard heeft. Ook elders in de meeting room wordt gezwoegd; je hoort de hersenradertjes spinnen en dat geeft me een kick. Ik zwier mijn jas in een hoek van de meeting room, mijn lesschema in een hoek van mijn geheugen, stroop mentaal de mouwen op en gooi de workshop in een hogere versnelling. Wie volgt? Alleman. Op eentje na, ook een Muhammad. Van het ministerie van buitenlandse handel. Stoppen of doorgaan? Ik taxeer de groep en beslis door te gaan. Nog drie slides met tekst, daarna volgen de foto’s. En daarna de filmpjes. Ik maak mijn collega duidelijk dat ik nu door wil gaan. Geen koffiepauze meer, niet meer overschakelen op een ander onderdeel. Hij knikt goedkeurend. Ik heb nog 10 minuten, dan is het echt gedaan, want buiten staat de lokale pers te wachten om wat foto’s te nemen.  Het is een vreemde vaststelling: dit schip vaart helemaal alleen. Het doet me denken aan de manier waarop mijn overgrootvader mij heeft leren fietsen: hij had een halve borstelsteel stevig vastgebonden aan het frame van mijn kinderfietsje. De zijdelingse steunwieltjes werden losgemaakt. Pitje hield de borstelstok stevig vast en voorzichtig reed ik de eerste meters zonder zijwieltjes, alleen rechtgehouden door zijn stevige hand. Daarna liet hij los, zonder dat ik het gemerkt had. En ik reed! Alleen! Vandaag was ik het die de stok vasthield. En ze hebben godverdomme gereden als Flandriens!

Ik ben trots op mijn bende!

16:19 Gepost door Stof in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.