17-08-07

Likangst

 ziekenboeg001Een hele poos heb ik in de waan geleefd dat ik zoniet de enige, dan toch één van de allerlaatste was. Misschien niet in de hele wereld, maar laten we zeggen: hier in onze contreien. Ik moet toegeven dat er ook bij mij de laatste tijd wat sleet op zat. Ik deed het de afgelopen jaren nog maar sporadisch. Pak ‘m beet vijf keer per jaar, terwijl het in de tachtiger en negentiger jaren van de vorige eeuw bijna elke avond of nacht van dattum was. Ik doe het nog steeds zeer graag en ik kan het ook nog steeds tamelijk goed. Maar ik dùrf dus niet meer. Niet na wat ik een vakbondsbons gisteren heb horen verklaren: tien procent van de postiers ligt ziekjes te bed of ziekjes in de zetel of zit ziekjes aan de toog. En dat is allemaal MIJN SCHULD! Ik doe het nog steeds heel erg graag (en ik kan het ook tamelijk goed), maar het moet handwerk zijn. Dat wil zeggen: men neme enkele vellen maagdelijk wit papier, men neme een vel met zwarte lijnen op een gelijk afstand van elkaar; men plaatse het vel met zwarte lijnen onder een vel wit papier; men neme vervolgens een vulpen (bij voorkeur een Cross gevuld met zwarte inkt) en beginne een brief te schrijven. Eén vel, twee vellen, vijf vellen, zes vellen…net zoveel vellen als je nodig hebt om aan de geadresseerde te zeggen wat je wou zeggen. Klaar? Nog niet helemaal! Men neme vervolgens een enveloppe van een wat dikkere papiersoort. Aan de voorzijde schrijve men langs drie denkbeeldige lijnen voornaam en naam van de bestemmeling, diens straat en huisnummer en vervolgens de postcode en de plaats. Aan de achterzijde notere men de eigen straat en huisnummer en op de tweede lijn de eigen postcode en woonplaats. Vervolgens vouwe men de volgeschreven vellen in vieren (Ik maak u heel even attent op de niet onaardige alliteratie.) en stoppe men ze in de enveloppe. Nu klaar? Not quite, my dear!  Veruit het delicaatste deel van de operatie is het dichtmaken van de enveloppe en het aanbrengen van de postzegel. Uiteraard kiezen we hier niet voor de zelfklevende kutzegeltjes die De Post tegenwoordig op rollen van 50 verkoopt. Neeneen, we kiezen voor een ouderwetse, degelijke zegel met tandjes en een gomlaag op de achterzijde. Een zegel die je moet likken alvorens hij kleeft en die daarbij een wat bittere-zijige smaak op de tong achterlaat. En hetzelfde geldt voor de enveloppe. Die gaan we uiteraard niet met kleefband of een Pritt-stift dichtmaken. Neeneen, die maken we dicht door met de tong een fijn speekselspoor te trekken over de gomlaag op de achterzijde. Het staat me voor dat – door een gebrek aan oefening wellicht – de liktechniek in België er dezer dagen wel op achteruit gegaan is. Ik zie een snelheidsduivel wel eens onbehouwen aan een boetezegel likken, een beetje zoals een hond aan een soepbeen likt. Zo hoort het natuurlijk niet. Zegel noch enveloppe mogen soppen in het speeksel van de afzender. De bedoeling is dat de briefschrijver een zeer fijn laagje aanbrengt van het allerbeste speeksel dat hij of zij in het bakkes heeft. Daartoe wordt de tong enkele malen over het gehemelte gehaald om vervolgens haar weg te zoeken naar het warme en vochtige plekje net achter de bovenste maaltanden. Daar wordt zeg maar de grand cru van het speeksel aangemaakt. Die heb je nodig voor optimale plakresultaten. Ik verslikte me gisterochtend in mijn koffie. Johnny Thys heeft aan zijn 32.000 postino’s (postini?) een brief geschreven om te zeggen dat hij niet zo heel erg gelukkig is met de plantrekkerij van zijn troepen. Een kater, een tintelende arm, een oog dat een beetje rood zit, kiespijn, een mee-eter… Voor de mannen en de vrouwen van De Post is het voldoende grond om het medisch rampenplan te laten afkondigen en zich vervolgens, zwevend tussen leven en dood, in een langdurig revalidatieschema te laten integreren. Dat vindt de baas niet zo leuk en dat moest hij even kwijt. “Jamaar”, sprak een vakbondsbons die door een VRT-verslaggever over het sociale incident geïnterpelleerd werd, “ge weet gij zekerst niet wat voor een ongezond werk als dat dat is! Onze mensen moeten dagelijks vele kilo’s brieven rondbrengen. En die hangen allemaal vol bacteriën en microben. Dààrom hebben we zoveel zieken!“

Ik voelde het bloed uit mijn gezicht wegtrekken. Drieduizend man ziek te bed door mijn grand cru speeksel. Wat ben ik blij dat ik het slechts een paar keer per jaar meer doe en mij voor het overige beredder met e-mails en posts op deze blog!

(Foto: de ziekenboeg van De Post, kort na de invoering van Geo-Route)

09:29 Gepost door Stof in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

Enkele puntjes : 1. Ik vouw hem in drie.

2. Je mag niet "snel" likken want dan snijdt die enveloppe je tong aan flarden.

3. Oeps ... ik bedenk net wat een boel bacteriën er hier alle dagen in de bus vallen. Ik denk dat ik ziek word.

;-)

Gepost door: ms | 17-08-07

De commentaren zijn gesloten.