27-02-07

De drooghuiler

Er zijn dingen die ik absoluut niet kan plaatsen. Een moeder die haar zoon het verlossende genadespuitje geeft, bijvoorbeeld. Ik probeer me dingen voor te stellen. Wanhoop, machteloosheid, een samenzwering uit onvoorwaardelijke liefde, een twijfel die de blik vertroebelt, een doel – één doel – dat als een felle poolster glinstert in een voor de rest volslagen duistere nacht.

 

Ik heb het proberen plaatsen, maar het is niet gelukt. Scherper nog: als ik er te lang over nadenk, loopt de achterkant van mijn ogen vol. Dat merkwaardige fenomeen kan je vanaf de buitenzijde niet waarnemen; alleen ikzelf weet dan dat ik, overmand door een vreemd soort emotie, ‘droog aan het huilen’ ben. Ik ben een ervaren drooghuiler. Het overkomt me bij dingen die prettig zijn om naar te kijken of te luisteren en bij dingen die onprettig zijn om naar te kijken of naar te luisteren. En heel af en toe begin ik te drooghuilen door aan iets te denken.

 

Het is nogal onwezenlijk: een moeder-geneesheer geeft haar depressieve zoon een dodelijke injectie en probeert daarna zichzelf op een soortgelijke cocktail te trakteren. Het Openbaar Ministerie bladert in de wetboeken op zoek naar het antwoord op de vraag of dit euthanasie annex zelfmoordpoging dan wel moord annex zelfmoordpoging is. (Het is geen euthanasie omdat de procedures niet gevolgd werden.) De populaire pers vraagt zich af of ze het over kindermoord annex zelfmoord(poging) moet hebben, maar kiest uiteindelijk voor de passé-partout term gezinsdrama. Een interessante vraag is: zou het incident ook als gezinsdrama bestempeld geweest zijn indien de zelfmoordpoging wél was gelukt?

 

Ondertussen laat ook het lezersbrieven schrijvende gild zich niet onbetuigd. Op de fora van nieuwssites vliegen voor- en tegenstanders elkaar enthousiast in de haren. Moord is moord en daarmee uit, zeggen de enen. Dit was moederliefde in zijn puurste vorm, zeggen de anderen. En ergens in mij roert een Jezuïet zich. Hij zegt: “Het is niet zwart en het is niet wit, dus moet het een soort grijs zijn.”

 

Zelf ben ik niet depressief te krijgen, - ook al doen zowel de buitenwereld als ikzelf hard zijn/mijn best. Ik durf ze niet eens op te noemen, de dingen die me kwaad of verdrietig maken, de dingen die me opwinden en de dingen die me onpeilbaar teleurstellen, de dingen die me verontrusten en de dingen die me doen walgen. Maar depressief? Ik doe niet mee! Volgens mij maakt mijn lichaam uit zijn eigen fluoxetine hydrochloride aan. Elke dag regelmatig overkomen mij dingen waarvan ik denk “Miljáárde, waarom ik weer?!?”, maar het laatste waar ik aan denk, is om met een spuitje naar mijn moeder te lopen met het vriendelijk verzoek de inhoud intramusculair toe te dienen. Ik zal eerder geneigd zijn om te denken “Ach wat, het had ook erger gekund!”, het stof van mijn schouders te kloppen en verder te doen waar ik mee bezig was. Sisyphus? Misschien wel, maar wat moet je ànders als je stenen zeulen leuk vindt?

 

13:40 Gepost door Stof in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

Commentaren

ik kan me vinden in je laatste paragraaf behalve "het kan nog erger", zo denk ik niet
maar af en toe schrijf ik het gewoon van me af

Gepost door: jeronimo | 27-02-07

Uiteindelijk is het een ultiem teken van belangeloze liefde, maar wettelijk mag het niet, want depressief zijn is niet genoeg voor euthanasie. Moest die jongen dan voor een trein springen of van een gebouw? Dan zijn er weer andere mensen getraumatiseerd...

Wat depressief zijn betreft, ik heb het wel eens meegemaakt, maar het heeft nooit mijn zin voor het leven in de weg gestaan.

Meestal denk ik ook altijd, "het kan erger", vooral als het om materiële dingen gaat...

Dat drooghuilen zou ik ook wel willen kunnen, mijn ogen lopen altijd over bij de minste emotie!

Gepost door: Sandrissimo | 27-02-07

De commentaren zijn gesloten.